Informatie » Gedrag » Kinderen en honden

Kinderen en honden

Kinderen en honden

Kinderen jonger dan 12 – 15 jaar kunnen in de meeste gevallen niet zelfstandig met een hond omgaan. Dit komt doordat een kind te jong is om alle hondentaal te kennen en te begrijpen en omdat een kind eenvoudigweg fysiek en geestelijk niet in staat is om ‘boven’ de hond te staan. Zeker kinderen die kleiner zijn dan de hond of nog kruipen worden door een hond als lager in rang gezien. Als het ranglagere kind dan ook nog vervelende dingen doet zoals in de ogen prikken of aan de oren trekken, zal de hond dit gedrag corrigeren. Eerst met grommen en snauwen, maar als dit geen effect heeft met zwaardere maatregelen zoals bijten.

Uw hond stamt af van de wolf en om meer van uw hond te begrijpen is het belangrijk dat u weet hoe wolven in een roedel (een groepsverband) leven en waarom. In een wolvenroedel heerst een duidelijke rangorde, dit brengt rust in de roedel en voorkomt onnodige conflicten en wanorde. De rangorde biedt veiligheid aan alle roedelleden.
Uw hond gedraagt zich nog steeds als een wolf en heeft leiding nodig van een roedelleider.
Als hij dat niet krijgt zal de ene hond de leiding zelf op zich gaan nemen, terwijl de andere hond bang wordt en diep ongelukkig. Een dominante hond zal dan de regels in huis gaan bepalen en een onderdanige hond zal uit angst gaan uitvallen, onzindelijk worden, of bang worden om alleen gelaten te worden.

U zult dus moeten zorgen dat u de roedelleider bent en blijft. Dit kunt u bereiken door de regels van de roedel na te leven. Een paar van die regels zijn:
De leider gaat altijd als eerste door de deur.
De leider wint altijd alle spelletjes.
De leider eet altijd eerst.
De leider neemt alle beslissingen en bepaalt wat er gebeurt.
De leider gaat nooit naar een ranglagere toe, de ranglagere gaat naar de leider toe.

Een hond zal een kind nooit als zijn meerdere, zijn leider beschouwen. Een kind kan nooit de roedelleider zijn, daarom is het van belang dat u als ranghoogste altijd aanwezig bent bij uw kind en hond. De belangrijkste regel met betrekking tot kinderen en honden is dan ook:

Laat uw kind nooit alleen met uw hond!

Kinderen en honden spreken een totaal verschillende taal. Ze begrijpen elkaar beslist niet!
De kans op misverstanden is altijd aanwezig. Het gevolg kan zijn dat uw hond uw kind bijt. Niet omdat uw hond vals is, maar omdat hij zich vanuit zijn wolvengedrag zo moest gedragen. Hij reageerde als hond, hij kon niet anders. Dit betekent dat u als volwassene zowel uw kind als uw hond moet begeleiden om te voorkomen dat er dingen fout gaan.
Honden zijn van nature nooit vals!

REGELS VOOR KINDEREN IN OMGANG MET HONDEN

Laat een hond met rust als hij slaapt of gewoon in zijn mand ligt. Een hond heeft recht op een eigen plek, waar hij ongestoord kan liggen.
Laat een hond met rust als hij eet.
Laat kinderen geen trekspelletjes doen met de hond, als de hond wint is hij hoger in rang.
Laat een kind nooit boven op een hond zitten of hangen, ook niet voor een foto.
Laat een hond niet in het bed van het kind slapen en het kind niet in de mand van de hond. Ze hebben allebei een eigen plaats nodig.
Leer kinderen niet naar de hond te staren. Dit wordt door de hond als een dreiging gezien.
Laat een hond en een kind niet stoeien. Een hond stoeit met zijn tanden.
Leer een kind niet naar de hond toe te lopen. De hond voelt zich dan onmiddellijk hoger in rang en kan zich corrigerend gedrag permitteren. Zeker als kinderen met uitgestoken handjes naar de hond toekomen, zal de hond dit als een bedreiging ervaren en gaan grommen. Gaat het kind dan toch door (omdat ze de hondentaal niet kennen) dan kan de hond bijten in het dichtstbijzijnde lichaamsdeel (hand of gezicht).
Straf uw kind niet in het bijzijn van de hond. De hond zou kunnen besluiten de roedelleider te helpen en het kind mee op te voeden.
  
Deze tekst is samengesteld met behulp van de volgende publicaties:

Theorieboekje Kynologen Club Flevoland bij de cursus Gedrag en Gehoorzaamheid.
‘Uw hond opvoeden zonder training’ (Leer de taal van uw hond), van Erik Sannen. ISBN 90-5821-029-4.
‘De hond de baas’, van Marian Kruithof, Wim van Overveen en Jeanette Vellenga.
ISBN 90-803454-3-1.

Tip: schaft u deze boekjes aan en leest u ze eens door, dan zult u veel meer begrijpen van het gedrag van uw hond. Het zijn dunne en prettig leesbare boekjes met veel informatie.

Samengesteld door: Els Janssen

Enkele van onze honden

S S S S S S